Sleutel

Altijd gedoe, m’n vakantietas pakken.
T-shirts, zwemspullen, dat is makkelijk.
Maar m’n trui, een jas… neem ik ze mee?

Eén ding gaat er zeker mee:
de reservesleutel van de auto.
Stel je voor, dat is zo stom;
dan ben je de autosleutel kwijt
en kun je nergens meer naartoe.
En je hébt wel een reservesleutel,
maar die ligt thuis!
Dat gaat ons dus niet gebeuren,
zorgvuldig pak ik mijn spullen bij elkaar.

Na twee dagen op onze eerste vakantieplek,
besluiten we verder te trekken
en pakken we ons boeltje in.
Het is een paar keer op en neer lopen naar de auto.
Ik geef de reservesleutel even aan m’n man.
Hij geeft ‘m terug, ik stop hem in m’n zak…
en een half uur later is hij kwijt.

Wat ben ik een gruwelijke sufferd,
hoe kan dat ding verdwenen zijn,
ik heb er nog wel zo goed op gepast?
We zoeken overal,
lopen waar ik gelopen heb,
checken al onze broekzakken,
de stoelen waar ik op gezeten heb…
maar de sleutel is verdwenen.

Waarom moest ik ook alweer
die reservesleutel mee?

Brits

Hmmmm… heerlijke ochtend!
In de zon fiets ik langs het water naar m’n werk.
Voor me twee verdachte fietsers,
ik bedoel…
wie fietst er nou op dit lege fietspad
ietsje linkser dan rechts
maar toch keurig achter elkaar?
Nee, het zijn niet eens racefietsers,
ze rijden op Cortina’s
en hun tempo is puberaal.

Als ik ze voorbij zoef in de bocht
op mijn twintig jaar oude,
trouwe damesfiets met fietstas,
hoor ik in onvervalst Brits:
– “We’re done, mate”
– “I know, inner lane ’n all”

(Vertaling:
“Hee gast, we liggen eraf”
“Ja vernederd man, letterlijk”)