Juf

Op de markt
bij de kaasboer
bestel ik
anderhalf pond kaas.

De vorige keer
heeft de verkoopster
mij uitstekend geholpen.
Maar nu komt ze
niet in beweging.
In plaats daarvan
kijkt ze me aan
door haar stevige bril:
– “Deze soort is wel extra
gevoelig voor schimmels.
Dat wil ik u
wel meegeven.”

Ik zeg dat dat wel goedkomt
en blijf bij mijn bestelling.
– “Ja sorry”, zegt ze,
ik heb lang voor de klas gestaan.”
– “Geen probleem,” zeg ik,
“uw advies is welkom.
Daarvoor kom ik immers
naar de specialist.”
– “Maar ze vinden dat ik juffig ben.”
– “Nee hoor mevrouw, dat valt wel mee.”
– “Ja, maar op verjaardagen en zo,
zeggen ze het wel.”

Ik haal diep adem:
“Als iemand advies juffig vindt,
ligt het wellicht
aan het humeur
van de ontvanger?”

– “Nee hoor, weet u?”
legt ze uit,
“ik denk dat ze het doen
om me een beetje te plagen.”

 

Opticien

Omdat ik toe ben
aan een computerbril,
vraag ik een vriendin
naar een goede optometrist.

Als ik de winkel
binnenkom,
word ik begroet
door een bezige meneer
die een beetje naar beneden kijkt.

Zijn stem gaat sneller
dan mijn ogen kunnen zien;
tijdens het testen
moet ik een paar keer vragen
of hij de opties
kan herhalen.
Wat is beter:
optie één…
…of twee?

Na een beetje rekenen
geeft hij mij
een voorbeeldbril
met de gewenste sterkte erin.

Hij gaat
op computerafstand
tegenover me zitten
en vraagt:
“Hoe is dit?”

Haarscherp zie ik
op zijn neus
mee-eters zitten
die ik nog niet had gezien.

Check.
Goeie optometrist.