Rood

Plotseling hebben we een extra auto nodig.
Gelukkig staat de Greenwheels vlakbij
en is hij met m’n NS-abonnement
eenvoudig te reserveren.

Je mag er een kwartier eerder in,
zodat je goed kunt zien hoe alles werkt.
Ik vraag me af hoe ingewikkeld het kan zijn:
ruitenwissers, richtingaanwijzer,
wie heeft daar in hemelsnaam een heel kwartier voor nodig?

Gelukkig heb ik voorafgaand aan mijn rit
de reiskosten al moeten begroten,
zodat ik me op tijd realiseer dat ik zelf
– met of zonder telefoon –
tomtom zal moeten spelen.

Even kijken en ik rij weg, de tank zit vol.
Een wendbaar koekblik met niet heel veel kreukelzone.
Het schakelen is even wennen,
lekkere herrie, net als vroeger.
Waar zit hier de cruise control?
Autorijden is weer een sport.
Doe mij de Greenwheels maar,
dit gaat prima.

De terugrit is ’s avonds laat.
Waar zit het licht?
Ik stap uit en zie de koplampen schijnen, dus dat zit goed.
Heeft dit ding ook nog zoiets als dashboardverlichting?
Ach, ik kan wel zonder, ik rij zelden te hard
en volgens mij zie ik precies genoeg om m’n snelheid te checken.

Iemand die me inhaalt geeft lichtsignalen.
Geen idee waar hij over zeurt,
m’n snelheid is oké, ook niet te zacht.
Hij moet het zelf maar weten.

Bij de tweede die me inhaalt met lichtsignalen,
probeer ik oogcontact te krijgen.
Wat ziet hij dat ik niet zie?
Ik kan hier nergens stoppen,
er komt toch hopelijk nergens rook uit m’n auto?

Vijf kilometer verder
ontdek ik waar de dashboardverlichting zit.
Plotseling zie ik binnen en buiten
drie keer zoveel als daarvoor.
Ik giechel van de schrik en kan mezelf wel voor m’n kop slaan.
In onze eigen auto hebben we de juiste lampen
altijd automatisch aan staan.
Gelukkig was de weg tot nog toe verlicht,
maar aan mijn man en kinderen
durf ik dit, heel eerlijk gezegd,
nog eventjes niet te vertellen.

Drie weken later ga ik weer met de Greenwheels op pad.
Als ik de provinciale weg op rij, zie ik
– jee, wat grappig –
nog een rode Greenwheels-auto.
Achter mijn collega aan
rij ik op het stoplicht af.
Zij lijkt rechts voor te sorteren,
maar zwiept op het allerlaatste moment
vlak voor mijn wielen twee banen naar links
om naast mij voor het rode licht tot stilstand te komen.
Nou ben ik niet zo’n toeteraar,
maar ik ben me wel rot geschrokken.
Ik probeer oogcontact te krijgen.

Maar als ik naar haar kijk,
zie ik twee handen stevig vastgeklemd om het stuur,
een rechtop zittende rug,
een hoofd dat zo ongeveer tussen de knieën verdwijnt
en ogen die volledig worden opgezogen
door een voorwerp op haar schoot.
Als ze opkijkt, kijkt ze opgelucht naar de blauwe borden.

Geen gebaar van mij kan deze dame behoeden.
Zou het haar eerste rit met de Greenwheels zijn?
Terugdenkend aan de koplamp-affaire
voel ik mijn wangen lichtjes gloeien.

Als ik optrek, is daar opeens de gedachte:
Ach weet je, het uiterlijk van die Greenwheels-auto’s,
je kunt ervan vinden wat je vindt,
maar qua reclame en puur pragmatisch gezien
is die helder-signaalrode kleur
misschien niet eens zo slecht gekozen.

Auteur: Christine Elion

Christine Elion is beëdigd tolk Engels-Nederlands en blogger. Ze schrijft in vertrouwelijkheid over de kleine, persoonlijke glimlachjes die elke dag de moeite waard maken. Christine schrijft haar blog in het Nederlands, dus als je een blog van haar in het Engels tegenkomt, is die waarschijnlijk vertaald door AI.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

For security, use of Google's reCAPTCHA service is required which is subject to the Google Privacy Policy and Terms of Use.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.